Programma’s — verkennen, ontwerp, regie, secretariaat
Niet door gebrek aan mensen. Door de manier waarop hij georganiseerd is.
Het individu
De werving filtert op cv. De selectie filtert op registratie. De contractvorm filtert op zekerheid die iemand niet kan bieden. Elke filter is op zichzelf verdedigbaar en samen laten ze een smalle groep door — niet de mensen die het werk het beste kunnen doen, maar de mensen die het beste passen bij hoe het werk is georganiseerd.
Wie erbuiten valt hoort daar meestal niet thuis. De vakman die zelfstandig wil werken en geen loket vindt. De sporter die na zijn laatste contract voor het eerst zonder begeleiding staat. Iemand met dezelfde ondersteuningsbehoefte als zijn buurman, maar zonder de registratie die ondersteuning ontsluit. De wijkbewoner voor wie het werk om de hoek ligt en onzichtbaar blijft.
Dat zijn geen uitzonderingen. Dat is de opbrengst van een keten waarin niemand verantwoordelijk is voor het geheel.
De samenleving
In de zorg, de bouw, het onderwijs en de techniek staan vacatures open die niet gevuld raken. Tegelijk staan er honderdduizenden mensen langs de lijn die zouden kunnen en willen werken. Dat die twee elkaar niet vinden is geen noodlot en geen matchingprobleem — het is een organisatieprobleem.
De overheid treedt terug, gemeenten zitten krap, en de partijen die het gat moeten vullen zijn zelf onderdeel van de reden dat het gat bestaat.
Waarom er niets verandert
Uitzenders, jobcoaches, opleiders, keurmerkhouders, gemeenten, sociale ontwikkelbedrijven — er zijn veel partijen die de arbeidsmarkt bedienen en de meeste doen hun werk goed. Maar elk verdienmodel hangt aan één schakel. Wie plaatst, verdient aan plaatsing. Wie opleidt, verdient aan opleiding. Wie certificeert, verdient aan certificering.
Innovatie die de hele keten raakt, raakt daarmee ieders eigen positie. Dus komt niemand eraan toe. Niet uit onwil — er is simpelweg geen partij wiens belang samenvalt met dat van het geheel.
Dat is de plek waar wij staan.
De kralen en de draad
Een projectleider levert een product op: binnen tijd, binnen budget, binnen scope. Dat lukt meestal. Waar het misgaat is een verdieping hoger — bij de vraag of al die opleveringen samen ook iets veránderen.
Die verdieping heeft een naam en meestal geen eigenaar. Het programma is de draad waar de projecten aan hangen. Zonder draad heb je een la vol geslaagde projecten en een arbeidsmarkt die precies zo werkt als drie jaar geleden.
Het toelatingscriterium
Kralen zijn financierbaar. Ze hebben een opdrachtgever, een offerte en een opleverdatum. De draad heeft dat allemaal niet en verdwijnt daarom in de overhead — of erger, wordt betaald uit de projectbudgetten, waarna de samenhang verhongert.
Wij lossen dat op door de draad te laten dragen door de keten zelf: een afdracht uit wat er geproduceerd wordt, niet een budgetpost die elk jaar opnieuw bevochten moet worden.
Die afdracht is een bijdrage aan het programma, geen commissie per opdracht. Wie een commissie rekent, wordt betaald voor het koppelen en verliest zijn inkomen zodra partijen elkaar gevonden hebben. Wie het programma draagt, wordt betaald voor het criterium, de toelating en het toezicht — en dat blijft nodig zolang de ketting bestaat.
Tot de keten groot genoeg is om de draad te dragen, wordt de aanloop gefinancierd van buiten: door een fonds, een investeerder of een opdrachtgever met een lange horizon. Dat is een investering in infrastructuur die zichzelf terugbetaalt, geen exploitatiesubsidie die elk jaar terugkomt.
Dit is de eerste vraag die wij stellen en de laatste die wordt beantwoord.
Verkennen
Iedere partij in de keten ziet een deel van de verandering. De werkgever ziet de vacature die niet vol raakt, de opleider de opleiding die niet meer aansluit, de gemeente de bewoner die er niet tussen komt. Wat ontbreekt is het beeld van het geheel. Dat beeld wordt niet slecht bijgehouden. Het bestaat niet, omdat niemand er verantwoordelijk voor is.
Dat maken wij. We zetten de partijen in een regio of gemeente samen aan tafel en halen op wat er leeft. We brengen geen presentatie mee en hebben geen oplossing klaar. Het gesprek wordt opgenomen en daarna geduid met de Dilemma Solver, gebouwd op het dilemmadenken van Fons Trompenaars. Die laat zien waar partijen elkaar vasthouden: meestal niet uit onwil, maar omdat twee goede bedoelingen botsen. En hij laat zien waar die spanning te verzoenen is.
Wat eruit komt is een geduid beeld van de regio, met oplossingsrichtingen. Daarbij geven we een eerlijk advies: is hier een draad nodig of niet? Soms is het antwoord nee. Dan heeft de regio in elk geval het overzicht.
De vier lijnen
Geen menu. Geen ontwerp zonder verkenning, geen regie zonder ontwerp, geen secretariaat zonder regie. Wie alleen het laatste inkoopt, koopt een notulist bij een programma dat niemand heeft ontworpen.
Rondetafels met de partijen in de regio, geduid met de Dilemma Solver. Eindigt in een beeld van de dilemma's en een advies of er een programma nodig is.
Wat is het beoogde effect, welke kralen horen erop, welk criterium bewaakt de toelating, en wie draagt welke baat in zijn eigen begroting. Eindigt in een programmalijn die zonder ons uit te leggen is.
Programmaraad, rolscheiding, toelating van nieuwe kralen, en het onaangename advies om te stoppen wanneer het effect niet meer haalbaar is. Wij schrijven de afspraken en rekenen erop af. Wij voeren niet uit.
Agenda, besluitenlijst, dossier, opvolging. Tijdelijk bemenst, expliciet overdraagbaar, met een afgesproken moment waarop het overgaat. De regielaag krimpt naarmate het ontwerp beter is.
Governance
| Laag | Vraag | Eigenaar |
|---|---|---|
| Portfolio | Doen we de juiste dingen? | Bestuur |
| Programma | Bereiken we het beoogde effect? | Programmamanagement |
| Project | Leveren we het afgesproken product op? | Projectleiding |
| Lijn | Draait de winkel door? | Lijnmanagement |
Een stuurgroep kijkt naar kralen. Een programmaraad kijkt naar de draad. Dat is geen woordspel maar een agenda-afspraak: de raad beoordeelt of het beoogde effect nog haalbaar is en of nieuwe kralen aan het criterium voldoen. Individuele projectvoortgang staat er niet op.
De opdrachtgever zit in het bestuur, niet in de staf. Het programma bezit geen kralen en neemt geen besluiten die in de lijn thuishoren. Baten landen in een lijnbegroting bij een aanwijsbare eigenaar — anders is de businesscase een verkoopdocument.
Capaciteit volgt productie. Geen apparaat, geen programmadirectie en geen vaste bezetting vooruitlopend op wat de keten produceert.